WANDELEN MET WOUTER

Wouter was een vriend van een vriendin.
Ze vroeg of ik met hem wou praten, dat zou hem deugd doen.
Ik weet niet van waaruit ze dat dacht.
Vreemd genoeg verbrak ze later het contact met mij juist omdat hij heel vertrouwelijk met mij sprak. Ik pakte hem zogezegd van haar af.
Wat viel er af te pakken? Ik begreep dat niet.

Wouter was een getroebleerde ziel die zich aangetrokken voelde tot kinderen.
Daar leed hij onder … en toch ook niet ...
Het schonk hem een verboden genot om over zijn hunkering te praten, alsof de schaamte zijn vuur aanwakkerde.
Iets in hem zocht onuitgesproken goedkeuring bij mij, ook dat gaf een spanningsveld want niets in mij keurde het goed.
Een verwarrend kluwen van hunkeren, zich schamen, toestemming en veroordeling zoeken...
We hebben vele, lange wandelingen gemaakt, soms hand in hand, dat gaf hem rust, zoals een kind dat zich aan zijn moeder toevertrouwt.
Hij was een grote, sterke, knappe man om zien.
Als leerkracht aan een middelbare straalde hij een onbeholpen verlangen uit, waardoor vele schoolmeisjes verliefd op hem werden.
Hij werd soms door de nonnen op het matje geroepen omdat hij flirtte met zijn leerlingen. Die berispingen maakten hem somber en beschaamd.
Ik gaf de nonnen gelijk, hij keek van me weg.
Eén keer streelde hij de haren van mijn dochtertje.
Ik zag de hunkering in zijn ogen en zei onmiddellijk "Stop. Dit doet ge niet."
"Moeke, ik vind dat niet erg."
"Grote mensen mogen de haren van kinderen niet strelen."
Er kwam gelukkig geen "Waarom niet?"

Wouter keek me met een miskende blik aan en tevens gaf mijn 'stop'  hem rust.
Hij was dader en slachtoffer van zijn eigen drang.

{{ popup_title }}

{{ popup_close_text }}

x