DE EERSTE KEER
“Mijn man is bij me weggegaan.”
Ze zegt het heel sereen, zonder drama al hoort Aruna het verdriet in haar stem.
Erika zwijgt en kijkt uit over de vijver. Onverwacht voelt ze haar ogen vochtig worden.
“Ik heb er nooit om gehuild, pas nu, na zeven jaar voel ik tranen.”
Een tijdlang is het stil en kijken ze samen naar twee zwanen die neerstrijken op het water.
Erika glimlacht. “Zo waren wij ook, mijn man en ik, twee witte zwanen, verbonden voor het leven.”
“Wat is er gebeurd?”
“Ik had al heel jong seks en ik was zijn eerste en enige vrouw. Dat frustreerde hem.”
“Hoe jong was je?”
“De eerste keer een jaar of zeven. De babysit, de zoon van een vriend van mijn ouders. Hij kroop bij me in bed, vroeg om zijn stijve penis vast te houden en betastte mijn spleetje.”
Weer valt er een stilte.
“Heb je het tegen je ouders verteld?”
“Neen.”
“Wat hield je tegen?”
“Niets, het kwam gewoon niet bij me op. Hij had me gevraagd het tegen niemand te zeggen dus dan deed ik dat niet.”
Weer wordt het stil.
Aruna laat de stilte zijn tot Erika vanzelf weer begint te praten.
“Hij gebood me om te zeggen dat hij een verhaaltje van Okki had verteld, moest iemand vragen wat we gedaan hadden. Ik was een beetje in paniek omdat ik niet wist wie Okki was. Gelukkig vroeg niemand wat we hadden gedaan, want ik kan niet goed liegen.”
“En nu vertel je het voor het eerst?”
“Neen, zeven jaar geleden heb ik het aan mijn man verteld. Hij sloot zich er voor af, reageerde er niet op.”
Ze kijkt naar Aruna: “Gij sluit u niet af. Daar ben ik dankbaar voor.”
“Nee ik sluit me niet af, je verhaal raakt me.”
“Ik vind het fijn om hier samen met u aan het water te zitten en naar de zwanen te kijken.”
Na een tijdje vraagt Aruna: “Ik vind het vreemd dat je man je verlaat omdat je als zevenjarige misbruikt bent.”
“Neen, zo is het niet gegaan.”
“Hoe dan wel?”
Erika wordt stil.
Mag ik nog eens terugkomen?”
“Jazeker”
“Dank om hier samen aan het water te zitten.”
HERFST
DE KERMIS
MIJN MAN ZOEKT EEN LIEF
MIJN BROER BRUTALISEERT MIJN DOCHTER
STERFBED
REUNIE
DE AARDBEIENMAN
HET KASTEEL VAN ZOTTERIK
DE HIK
MIJN BROER STAAT MET EEN STIJVE VOOR MIJN MOEDER
DE NEPTUNE
RENEKE
DE SURINAMERS
POESJKIN
DE DAMES VAN HET CHRISTELIJK ONDERWIJS
OP DE BUS
ELKE OCHTEND ZWEM IK IN DE VIJVER
WANDELEN MET WOUTER
MEDEBEWONER DIENT KLACHT IN
MIJN MAN VOLGT EEN GURU DIE ZIJN VOLGELINGEN MISBRUIKT
RONDZWERVEN IN DE NACHT
ERIKA ZOEKT HULP
MOEDER ZIJN