LIEFDE

Een mooie vrouw klopt aan. Ze heeft zachte trekken en sprankel in de ogen.
“Ik wil gewoon met iemand praten. Mijn gevoelens en gedachten ordenen.”
“ Welkom. Zullen we buiten zitten, onder de oude wilg?”
Ze knikt enthousiast.
“Wat een heerlijke plek. Het lijkt wel of de boom ons beschut…omarmt…ons levenskracht geeft…”
“Zo is het ook. Een goede plek om te praten.”
De sprankel vermengt zich prompt met weemoed.
“Hoe beginnen?”
Zucht.
“Mijn kinderen en vrienden willen me per se koppelen. Hoewel ik duidelijk ben dat ik geen enkel verlangen heb me opnieuw te verbinden met een man. Een vrouw misschien nog wel, maar dat weet ik niet.
De vraag waarmee ik kom is eerder een filosofische vraag. Ik heb mijn man al mijn liefde gegeven. Me opnieuw verbinden met een man dat gaat gewoon niet meer. En dan zeggen ze tegenwoordig: ‘Je liefde is van jou…je moet je van hem los maken..’ Maar zo is het niet voor mij.”
“Hoe is het wel voor jou?”
“Ik heb hem al mijn liefde gegeven, 37 jaar mijn leven met hem gedeeld, hem drie kinderen geschonken…en ja, dit kan ik met niemand anders meer leven. En voor minder doe ik het niet, ik verbind me niet meer met een man. Die bron is op, die heeft hij leeg gedronken.
En ik voel me niet liefdeloos, integendeel. Ik voel me wel eenzaam maar tegelijkertijd met een diepe bron van liefde verbonden. En die deel ik niet meer met een man. En niet uit rancune tegenover mannen, helemaal niet, maar die liefde heb ik al geleefd, die is op.
Ik voel me heel eenzaam omdat er rondom mij geen mensen zijn die dit kunnen aannemen. Ik heb de scheiding zogezegd niet verwerkt. Maar zoiets kan je niet verwerken. Ik kan het wel heel diep aannemen en ik heb het ook aangenomen.”
Aruna heeft een soortgelijk verhaal nog eens gehoord en er destijds met haar mentor over gepraat. Ze brengt zijn wijsheid in, een wijsheid die nu ook bij haar hoort.
“Het lijkt alsof de bedding van je huwelijk is opgedroogd. En de diepe bron van liefde een andere stroom heeft gevonden, een stroom die zich niet meer richt naar een man.”
Een glimlach trekt over haar gezicht, ze kijk Aruna bedachtzaam aan.
“Wat is dit fijn om te horen, zo is het helemaal.”
“Is het ook zo dat je in die diepe bron je eigen volheid hebt ontdekt?”
Nu straalt de vrouw echt liefde uit.
“Ja, zo is het helemaal. En die volheid is niet afhankelijk van een man. Hoe weet je dat?”
“Ik zie het aan je.”
“Dank je voor de woorden. Het is zo fijn hierin gezien te worden, ik had er zelf de woorden niet voor.”